Hi Teun!
Een leeg veld vol mogelijkheden! Oh, de open vraag. Het is goed om daar eens kritisch naar te kijken. Als vakidioot met een uitgesproken mening over vraagsoorten in digitaal leren vermijd ik hem liever. Maar een ander zal hem vast wél met open armen ontvangen. Dus laten we de zin én onzin van de open vraag eens eerlijk onder de loep nemen.
Eerst de onzin
Stel: je doorloopt een e-learningmodule die je manager naar je heeft doorgestuurd. Het gaat over ingewikkelde procedures die in het leven zijn geroepen op jouw afdeling. Je baant je een weg door de meerkeuzevragen en sleept processtappen op volgorde. Ineens komt er een angstaanjagend leeg vlak in beeld met daarboven de tekst: ‘Je hebt nu een goed beeld van de nieuwe procedure. Beschrijf een voorbeeldsituatie waarin jij deze werkwijze kan inzetten.” Met een frons typ je drie letters, klik je op ‘Indienen’ en krijg je netjes te zien: ‘Bedankt voor je antwoord.’
Tja. Alsjeblieft voor mijn antwoord, denk je, terwijl je met rollende ogen op ‘Volgende’ klikt.
Dit is wat ik me altijd inbeeld wanneer ik een open vraag overweeg bij het schrijven van een e-learningmodule. Hoe motiveer je deelnemers om écht zorgvuldig een afgewogen antwoord in te typen, zeker als ze bij elk antwoord dezelfde algemene feedback krijgen? Lange antwoorden zijn vrijwel niet op maat te controleren en korte antwoorden zijn vaak foutgevoelig, bijvoorbeeld als je een streepje of spatie te veel gebruikt.
Ja, kritisch dus. Maar: echte vakidioten zijn ook nieuwsgierig naar hun eigen overtuigingen, dus laten we eens kijken of er manieren zijn waarop open vragen wél werken. Want het idee van een open vraag is zeker niet verkeerd. Door een vraag te stellen zonder keuzeantwoorden die de deelnemer op een idee kunnen brengen, hoop je de lerende uit te dagen om écht even zelf na te denken en zijn gedachtes concreet te maken.
In de situatie hierboven maak ik me zorgen dat die voordelen niet helemaal tot hun recht komen. Het eerste en eigenlijk ook enige probleem is het gebrek aan motivatie om de open vraag zorgvuldig te beantwoorden.
Motivatie van de deelnemer is een van de belangrijkste vereisten voor een effectieve leeroplossing. Met een ongemotiveerde houding leer je immers niet zo veel. Als ontwerper heb je daar gelukkig behoorlijk veel invloed op: een prikkelende tone of voice, herkenbare voorbeelden en inderdaad goede vraagstellingen. Een goede vraag prikkelt de deelnemer om écht even zelf na te denken en maakt de deelnemer vervolgens nieuwsgierig naar het goede antwoord. Als de feedback dan precies aansluit op de kenniskloof van de deelnemer, óf de deelnemer een oprecht schouderklopje geeft, heb je de kers op de taart.
Dat laatste is bij een open vraag lastig te bereiken. Deelnemers beseffen meestal ook wel dat hun zorgvuldig geformuleerde essay geen even zorgvuldig afgestemde feedback oplevert. In plaats daarvan ontvangen ze een standaardreactie die enigszins aansluit op wat ze hebben geschreven, maar nooit helemaal.
Hoe kun je er wel voor zorgen dat de open vraag waarde toevoegt aan je e-learningmodule?
Cijfers en afkortingen
Als je deelnemers vraagt om écht korte antwoorden te geven, zoals een cijfer, een letter of een combinatie daarvan, kunnen open vragen goed werken. Bijvoorbeeld als je medewerkers wilt stimuleren een handboek of richtlijn te gebruiken en je wilt weten op welke bladzijde ze een bepaald onderwerp kunnen vinden. Of wanneer je feitelijke kennis wilt toetsen en het antwoord een cijfer of een kort woord is. Zulke antwoorden zijn daadwerkelijk goed óf fout (motivatie!). Het goede antwoord heeft een duidelijk format, waardoor je er ook gerichte feedback aan kunt koppelen.
Zet je taalmodellen aan het werk
Je wilt voorkomen dat je deelnemer beloond wordt met een ‘Bedankt voor je antwoord’ nadat deze slechts zorgvuldig een ‘aslkdjkl’ heeft neergezet. Gelukkig is het met de opkomende mogelijkheden van AI mogelijk om een passend en op maat gemaakt antwoord te geven. Met een geïntegreerd taalmodel in je module kan de open vraag echt meerwaarde bieden. Als je deelnemer passende feedback ‘Het is misschien lastig om deze kennis toe te passen, maar dit inzicht gaat je echt helpen op de werkvloer! Probeer het nog eens.’ krijgt, denkt deze wel twee keer na voor hij er met de pet naar gooit. Mits je je prompts natuurlijk goed doordacht hebt, want met slechte AI-feedback ben je nog verder van huis.
Alles mag, niets moet
Een open vraag kun je ook inzetten zonder goed of fout antwoord, maar als een reflectiemoment. Zo motiveer je de lerende om zijn eigen gedachtes te concretiseren zonder dat daar een beoordeling aan hangt. Natuurlijk weet je hier ook niet of je deelnemer daadwerkelijk de moeite gaat nemen om op zijn eigen gedachtes te reflecteren. Een sterk staaltje verwachtingsmanagement doet hierbij wonderen: wanneer je van tevoren al aangeeft dat het antwoord niet goed of fout kan zijn (‘er is geen goed of fout, dit schrijf je op voor jezelf’), stimuleer je de deelnemer om oprecht zelf even na te denken, in plaats van te raden wat het systeem wil horen. Bonuspunten als hij zijn eigen antwoord ergens kan terugvinden of kan doorsturen naar een collega of manager. Wanneer er iemand meeleest, schrijf je toch net even anders.
Het hangt van alles af
Naast deze manieren om de open vraag in te zetten zijn er natuurlijk nog meer nuances en factoren die bepalen of hij werkt. Zo is een gemotiveerde groep experts die gretig alle informatie uit hun vakgebied opneemt een makkelijkere doelgroep voor de open vraag dan een ICT’er die voor de derde keer dit jaar de informatiebeveiligingsmodule moet volgen. Ook de plaatsing van de open vraag in een module is relevant: stop je hem midden in een drukke module met te veel informatie en tijdsdruk? Dan zal een deelnemer minder snel serieus nadenken dan wanneer deze verschijnt aan het begin van een hoofdstuk om de deelnemer te activeren.
Conclusie
De open vraag verdient geen automatische afwijzing, maar ook geen blinde omarming. Ze puur en alleen inzetten voor de afwisseling of omdat je zelf gemotiveerd bent om iets in te vullen, werkt niet. De volgende keer dat je een open vraag overweegt, denk dan goed na over het doel dat je ermee wil bereiken. Want als je de open vraag inzet met een duidelijke reden, verandert dat veel. Een vraag die uitdaagt en feedback die aansluit bij het antwoord, kan je de deelnemer zover krijgen echt actief na te denken over een antwoord. Een meerkeuzevraag kan dat simpelweg niet.
De open vraag verdient niet zomaar een afwijzing, maar ook geen blinde omarming. Ze puur en alleen inzetten voor de afwisseling of omdat je zelf gemotiveerd bent om iets in te vullen, werkt niet. De volgende keer dat je een open vraag overweegt, denk dan goed na over het doel dat je ermee wil bereiken. Want als je de open vraag inzet met een duidelijke reden, wordt het angstaanjagend lege invulvlak misschien ruimte voor inspiratie. Met een vraag die uitdaagt en feedback die aansluit bij het antwoord, krijg je de deelnemer wellicht zover om actief na te denken over een antwoord. Een meerkeuzevraag could never.
Groetjes,
Fleur
Over Fleur
Fleur Brus is Digital Learning Specialist bij inBrain. Met haar beeldende en inhoudelijke ideeën, fleurt ze iedere (online) leeroplossingen op. Als duizenddingendoekje met talloze hobby’s is er geen onderwerp waar ze niks interessants in vindt.